Risico op bloedingen

Antistollingsmedicijnen zorgen ervoor dat uw bloed minder snel stolt. Hierdoor heeft u minder kans op allerlei vormen van trombose. Tegelijk zorgt die tragere bloedstolling ervoor dat u sneller en overvloediger bloedt. Dit is een bijwerking van uw behandeling.

Direct contact opnemen met uw huisarts bij:

  • roodgekleurde urine
  • gitzwarte ontlasting
  • bloedverlies uit de anus
  • uitvalsverschijnselen: arm of been niet goed meer kunnen bewegen of gestoorde spraak
  • plotselinge, hevige pijn (bijvoorbeeld in uw buik)
  • een blauwe plek die groter is dan ongeveer een bierviltje
  • plotseling meer dan vijf blauwe plekken
  • een langdurige bloedneus (langer dan ongeveer een half uur)
  • bloed ophoesten of bloed overgeven

Bel ook als u merkt dat de bloeding zich uitbreidt, niet verdwijnt of zich herhaalt.
Bent u onder controle bij de trombosedienst? Neem dan ook daarmee contact op.

U kunt even afwachten bij:

  • een blauwe plek die kleiner is dan een bierviltje
  • oogbloedingen minder dan 50% van het oogwit
  • kleine neusbloedingen korter dan 30 minuten
  • geen bijkomende ziektes

Bloedingen kunnen thuis of in het ziekenhuis worden behandeld. Bij een ernstige bloeding moet de antistollingsmedicatie (tijdelijk) worden gestaakt. Uw arts geeft u hierover advies.